|
3. Rapportage en
ondertekening
Onder rapportage wordt verstaan de
systematische weergave van het onderzoek van de Raad in een bepaalde zaak. De
rapporten van de Raad dienen aan de volgende richtlijnen te voldoen:
-
Het rapport is in correct en begrijpelijk
Nederlands opgesteld.
-
Ieder rapport dient te zijn voorzien van een
voorblad waarop tenminste staat vermeld:
-
datum van het rapport
-
naam raadsonderzoeker
-
dossiernummer
-
t.a.v. ouders: naam; voornamen; geboortedatum
en –plaats; nationaliteit; beroep; godsdienst / levensovertuiging; adres
en woonplaats / verblijfplaats; huwelijksdatum; datum echtscheiding; namen
van nieuwe partners.
-
T.a.v. kinderen: naam; voornamen;
geboortedatum en –plaats; gezag; maatregel van kinderbescherming;
verblijfplaats.
-
Het rapport vermeldt in ieder geval:
-
de aanleiding voor het onderzoek en de op
basis hiervan vastgestelde onderzoeksvragen; wie betrokken zijn bij het
totstandkomen van het rapport;
-
met wie gesproken is en hoe vaak;
-
de betrokkenen en degene die is voorgesteld
als informant doch niet door de Raad is gehoord en de overwegingen die
hieraan ten grondslag hebben gelegen;
-
de informatie die door de Raad bij derden, als
informant, is gevraagd mits zij met de inhoud akkoord zijn gegaan;
-
een beschrijving van feiten en achtergronden,
van visie en belevingen van alle betrokkenen, van de interactie die heeft
plaatsgevonden tussen de raadsmedewerker en het cliëntsysteem en van de
eventueel noodzakelijk gebleken interventies met de effecten op het
onderzoeksproces;
-
de gegevens en de interpretatie van deze
gegevens die leiden tot de conclusies, het op grond van deze conclusies
geformuleerde raadsadvies óf het besluit om al dan niet een rekest in te
dienen; bij conclusie en advies c.q. besluit om al dan niet te rekestreren
dienen de wettelijke gronden in acht genomen te worden;
-
(een weergave van) de reactie van
belanghebbenden op het onderzoek en de rapportage;
-
welke raadsmedewerkers verantwoordelijk zijn
voor (deel)onderzoek, besluitvorming en rapportage;
-
welke folders verstrekt zijn.
-
In het rapport wordt duidelijk onderscheid
gemaakt tussen informatie (feiten en meningen van betrokkenen) en de
interpretatie daarvan door de Raad (zie in dit verband ook 2.2.c).
-
Wanneer een externe gedragsdeskundige voor
specialistisch onderzoek is ingeschakeld wordt diens rapport als bijlage aan
het raadsrapport c.q. het advies of rekest van de Raad toegevoegd. De Raad
betrekt de conclusies van de externe gedragsdeskundige bij zijn
besluitvorming en geeft aan in hoeverre deze zijn overgenomen (zie bijlage
10.2).
-
Het definitieve, ondertekende rapport wordt
aan belanghebbenden toegezonden, tenzij zij te kennen hebben gegeven dat zij
daarop geen prijs stellen. Een uitzondering op deze regel vormen de
rapporten uitgebracht naar aanleiding van verzoeken tot het verkrijgen van
een beginseltoestemming voor het opnemen van een buitenlands kind ter
adoptie. Deze rapporten worden niet afgegeven, ook niet in concept, indien
deze leiden tot een positief advies.
Dit hoofdstuk is, behoudens hetgeen
hieronder vermeld staat onder ‘Ondertekening’, niet van toepassing op:
Ondertekening Rapporten
worden ondertekend door de raadsonderzoeker en de praktijkleider. Indien een
gedragsdeskundige een (deel-)onderzoek instelde, tekent deze daarvoor.
Adviezen en verzoekschriften
worden onder vermelding van "namens de ressortsdirecteur"
ondertekend door de praktijkleider.
|