|
SOS
Papa is van mening dat de Raad voor de Kinderbescherming geen enkele
functie dient te vervullen in kwesties van omgang tussen kind en ouders.
Indien één der ouders weigert mee te werken aan de omgang, is er iets
mis met die ouder en niet met het kind. Een "Raad
voor Oudertherapie" zou in dat geval uitkomst kunnen bieden, maar
voor de Raad voor de Kinderbescherming is geen enkele rol
weggelegd.
Ook
bij de raad zelf gaan voorzichtig stemmen op in deze richting. Toch
schuilt er een addertje onder het gras: door zich te bemoeien met
omgangsproblemen schept de raad voor zichzelf veel werkgelegenheid. Als
die werkgelegenheid zou wegvallen, zou dat het ontslag van veel
ambtenaren bij die Raad betekenen. En wie bepleit nu de opheffing van
zijn eigen baantje?
Echte
veranderingen zullen dus van elders moeten komen. Van vaders
bijvoorbeeld. Zo raden wij u aan te weigeren aan een
"onderzoek" door de Raad van de Kinderbescherming mee te
werken, als er uitsluitend problemen zijn rond de handhaving van de
omgang of de gedeelde zorg. De beste bescherming van het kind is een
kinderrechter die de omgang herstelt, niet een Raad die gaat onderzoeken
waarom moeder weigert daar aan mee te werken. Moeder weigert namelijk
omdat zij weet dat op haar onrechtmatig gedrag geen sancties volgen maar
een langdurig onderzoek. Zo houden rechter en raad samen krampachtig een
systeem in stand waarvan zij zeggen dat zij het willen bestrijden. Op
grond daarvan kan openlijk de vraag worden gesteld of zij nu werkelijk
zo dom zijn als zij zich voor doen. Deze vraag dringt langzamerhand ook
tot de politiek door.
Raadsmedewerkers
zijn vooringenomen
De Raad voor de Kinderbescherming houdt er een zeer merkwaardige
werkwijze op na. Tijdens hun opleiding leren raadsmedewerkers hoe zij
subjectieve rapporten moeten schrijven die niet berusten op een weergave
van de werkelijkheid. Doel van deze werkwijze is eenduidige adviezen uit
te brengen, zodat de rechter geen keus wordt gelaten. Als medewerkers
van de raad van mening zijn dat de omgang tussen kind en vader dient te
worden ontzegd, zullen deze medewerkers een rapport uitbrengen met
louter negatieve kwalificaties over vader, en louter positieve over
moeder. Medewerkers worden in deze aanpak bewust getraind tijdens de
interne opleiding. De raad doet dus niet aan waarheidsvinding en men
komt daar openlijk voor uit. "De waarheid is voor ons als Raad niet
van belang. Het enige dat telt is het belang van het kind". Met
deze stuitende redenering misbruikt de Raad openlijk een vage wettekst
om te kunnen volharden in een achterhaalde ideologie waarin vaders niet
bestaan en moeders het recht hebben exclusief met hun kinderen te doen
wat hen uitkomt. Het werkelijke belang van het kind is hier ver te
zoeken.
FORA,
het hulpje van de Raad
Het komt steeds vaker voor dat de Raad een onderzoek uitbesteedt
"omdat de problematiek te ingewikkeld is". Zo is er al sprake
van een "ingewikkelde problematiek" als een moeder
stelselmatig weigert gehoor te geven aan de vonnissen van de
kinderrechter. Door een langdurig onderzoek op zo'n situatie los te
laten in plaats van deze aanstonds te corrigeren, moedigt de Raad zulk
onrechtmatig gedrag aan en legitimeert het. Dit is volkomen onwettig
maar toch gebeurt het in vrijwel alle gevallen.
Als onderzoeken worden uitbesteed, gebeurt dit meestal bij FORA. Deze
"onafhankelijke instelling" is in het geheel niet
onafhankelijk: FORA werkt namelijk exclusief voor Justitie en voor
niemand anders.
FORA is te beschouwen als geprivatiseerd onderdeel van de Raad voor de
Kinderbescherming. In werkwijze doet FORA voor de raad niet onder. Het
instituut hanteert onderzoeksmethoden die wetenschappelijk volstrekt
onder de maat zijn, maar de adviezen die er het gevolg van zijn worden
zeer gehaaid geformuleerd. Dient u een formele klacht in of wendt u zich
tot het Medisch Tuchtcollege, dan blijkt ineens "dat er niet staat
wat er staat", "psychiater X is niet verantwoordelijk want het
rapport was het werk van het team" etc. Intussen heeft zo'n rapport
er bij de kinderrechter wel toe geleid dat je je kind niet meer ziet.
FORA is hoogst bekwaam in het juridisch formuleren van zogenaamd
medische en psychologische conclusies. Wie de onderzoeksrapporten van
FORA leest, graait naar een aal in een emmer met snot. Maar de
conclusies van dat "onderzoek" zijn juridisch altijd
eenduidig, conform de werkwijze van de Raad voor de Kinderbescherming
zelf.
Over de werkwijze en opvattingen van FORA is door SOS Papa een dossier
samengesteld dat op 15 februari 2002 aan het parlement is aangeboden:
Misverstanden
over de bevoegdheden van de Raad
Er wordt vaak gedacht dat de raad zelfstandig kan optreden. Dit berust
op een misverstand. De raad kan zelfs helemaal niet optreden.
Het is de rechter die de raad kan gelasten een onderzoek in te stellen.
De raad brengt vervolgens advies uit aan de rechter en daarmee houdt het
op.
Wij kennen vonnissen waarin de rechter de raad verplicht de omgang
tussen vader en kind tot stand te brengen. De raad weigert zo'n vonnis
dan uit te voeren omdat de raad daartoe geen wettelijke bevoegdheden
heeft. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de raad gelijk heeft als deze
stelt dat de raad er niet is om de problemen werkelijk op te lossen. Aan
de politiek is dit vonnis tot nu toe voorbij gegaan. Dat is vreemd,
omdat het Europees Hof iedere staat opdraagt tot een uiterste
inspanningsverplichting bij de tenuitvoerlegging van beschikkingen. Nu
de Raad dat niet kan / mag, is er in Nederland geen enkele instantie die
dat wel doet. Nederland overtreedt dus het Europees Verdrag terzake.
Toch bemoeit de raad zich in veel gevallen wel met vaders, maar dan om
hen ertoe te brengen maar van de omgang af te zien, nu moeder zo
halsstarrig blijkt. In veel gevallen zet de raad vaders daarbij met
oneigenlijke middelen onder druk. Je kunt in zo'n geval de betreffende
raadsmedewerker informeren dat de raad er niet is om jou te
adviseren, maar de rechter. Je kunt daar aan toevoegen dat je het
een vreemde gang van zaken vindt om een ouder ertoe te bewegen geen
contact meer met zijn kind meer te hebben. Vraag gerust of de
betreffende raadsmedewerker zelf kinderen heeft.
Vermijd
de raad
Vaders zien de raad vaak als laatste strohalm en zijn blij met een
onderzoek. Die blijdschap verdwijnt in vrijwel alle gevallen binnen drie
maanden. Ons dringende advies is dan ook de raad en FORA als vader te
mijden. Verzoek nimmer zelf om een onderzoek en ga niet accoord met een
onderzoeksvoorstel dat je ondeugdelijk acht. Zowel raad als FORA kunnen
jou alleen betrekken in hun bezigheden indien jij daar zelf mee instemt.
Als medewerking niet kan worden geweigerd of indien je hen het voordeel
van de twijfel wilt gunnen, zie er dan in ieder geval op toe dat vooraf
duidelijk op schrift staat wat men gaat onderzoeken, hoe
men het gaat onderzoeken en binnen welke termijn dat zal
gebeuren. Is het antwoord op één van deze drie vragen onbevredigend,
weiger dan iedere medewerking totdat er duidelijkheid over is ontstaan.
Meegaan in onduidelijkheid betekent immers meegaan in een vaag proces
waarin de kans dat je kind en jij ernstig worden gemanipuleerd
levensgroot aanwezig is. Je kunt de probleemstelling namelijk ook
omdraaien: omdat men de zaak wil manipuleren, wil men geen
duidelijkheid verstrekken over de precieze gang van zaken. Onduidelijkheid
is dus een indicatie voor het risico dat men het niet goed met jou voor
heeft en op voorhand al van mening is dat er een rapport moet komen
waarin staat dat vader alles verkeerd doet.
Je kunt je weigering bij de rechter motiveren met de stelling dat de
raad op voorhand geen inzicht wilde verstrekken in diens werkwijze en
aanpak van de specifieke kwestie; je werkt pas mee als er de
duidelijkheid heerst waar jouw kind en jij recht op hebben..
Het
raadsrapport
Na vele maanden verschijnt dan eindelijk het raadsrapport, meestal vlak
voor een zitting, zodat je nauwelijks nog de tijd hebt om te reageren.
Je valt van de ene verbazing in de andere door het aantal grove
onjuistheden in het rapport, de kromme redeneringen en de omkering van
oorzaken en gevolgen.
Vrijwel
alle raadsadviezen lijden onder een hoge Pinokkio-factor.
Zie hiervoor het betreffende submenu hiernaast.
Wat
staat je te doen zodra je het zogenaamde concept van het raadsrapport
ontvangt?
-
Reageer
nimmer mondeling op het concept-rapport en laat je niet
verleiden tot een bespreking ervan. Zorg dat je het rapport thuis
krijgt en reageer uitsluitend schriftelijk.
-
Heb
je het rapport minder dan tien werkdagen voor de zitting ontvangen
en ben je van mening dat het rapport niet deugt, verzoek dan per
omgaande schriftelijk bij de raad dat deze uitstel van de
zitting vraagt met een termijn van twee weken. Reden: je hebt het
rapport niet goed kunnen bestuderen, laat staan dat je goed hebt
kunnen reageren. Omdat het heel belangrijk is dat je in alle rust
kunt reageren, is dat het uitstel van de zitting waard. Weigert de
raad de rechter om uitstel te verzoeken, ga dan naar de zitting en
verzoek de rechter ter plekke bij aanvang van de zitting om
uitstel. Stemt de rechter hier niet in toe, wraak dan ter plekke de
rechter (zie onder het menu rechtspraak) omdat deze rechter dan
moedwillig artikel 6 van het Europees Verdrag overtreedt (equality
of arms).
-
Schrijf
een brief aan de directie van de raad en stel daarin dat de
medewerkers die het rapport hebben geschreven zich schuldig hebben
gemaakt aan opzettelijke misleiding van de rechterlijke macht c.q.
valsheid in geschrifte. Zeg per aangetekende brief een
schadevordering als zodanig aan (schade plus gevolgschade), zonder
deze nu al in bedragen te specificeren.
-
Zet
in alle rust en zo gedegen mogelijk op papier welke halve en hele
onwaarheden het rapport bevat en verzoek de rechtbank op grond
daarvan de rapportage van de raad niet in de beoordeling van
de zaak te betrekken.
-
Stuur
een afschrift naar de Tweede-Kamercommissie voor Justitie en aan de
Nationale Ombudsman.
De
rechtbank zal in een aantal gevallen zich niets van dit alles
aantrekken. Dat blijkt dan ook uit de daarop volgende beschikking.
Daarin staat aangegeven wat de raad heeft geadviseerd en de rechter
volgt dan zonder omhaal dat advies. In dat geval teken je hoger beroep
aan. Tevens schrijf je de minister van Justitie een aangetekende brief
waarin je de Staat der Nederlanden aansprakelijk stelt voor de
aantasting van je recht op family life en dat van je kind(eren)
als gevolg van valsheid in geschrifte door rijksambtenaren bij de
opstelling van een advies aan de rechter, die zodoende is misleid. Stel
een schadevordering in het vooruitzicht van 50.000,- euro per jaar per
kind en eenzelfde bedrag voor jou. Dit alles kun je doen zonder
advocaat.
Klachtprocedure
bij de raad
De raad hanteert een klachtenprocedure. Klachten jegens raadsmedewerkers
leiden echter zelden of nooit tot wijzigingen in raadsadviezen. Daarom
heeft klagen geen enkele zin en is de hierboven beschreven procedure
veel effectiever. Hoe meer aanzeggingen tot schadevorderingen de
minister van Justitie ontvangt, hoe duidelijker het de politiek wordt
dat er bij die raad werkelijk iets grondig mis is.
Heb
je voldoende energie over om daarnaast ook bij de raad zelf een klacht
in te dienen, dan krijg je meestal een slijmerig briefje dat "we er
in een goed gesprek samen heus wel uitkomen". Let op: dat briefje
is niet van de directeur bij wie je volgens de voorschriften je
klacht deponeerde, maar het is een briefje van een ondergeschikte. Er
staat ook in: "Mocht ons gesprek onverhoopt niet bevredigend zijn,
dan kunt u alsnog uw klacht bij de directeur indienen".
Wat krijgen we nou, denk je dan? Ik had toch al mijn klacht bij de
directeur ingediend? En nu blijkt uit deze reactie dat dit kennelijk
toch niet zo is!
Hier toont de raad opnieuw hoe beroerd deze om gaat met regels en
voorschriften. Als je namelijk een klacht indient, dient deze klacht te
worden geregistreerd in de statistieken en moet die klacht volgens de
richtlijnen worden afgehandeld. Wat doet de raad dus? Die probeert jouw
formele klacht af te vangen voordat deze in de statistiek terecht zal
komen. Dat scheelt een hele hoop werk en nog belangrijker: het leidt tot
Kamerleden die zich openlijk verwonderd afvragen waarom bij hen zoveel
vaders over de raad klagen terwijl er anderzijds maar zo weinig
officiële klachten tegen diezelfde raad worden ingediend.
Je weet nu hoe dat komt. Schrijf dus een briefje terug dat een
formele klacht bij de directie een formele klacht bij de directie is en
dat je derhalve prijs stelt op een directe afhandeling van je klacht
door die directie. Voeg daar aan toe dat je vertrouwen in de raad
niet is toegenomen door de wijze waarop onreglementair is getracht jouw
klacht onder het tapijt te vegen door je te misleiden over de
procedure.
|