Verplichte bemiddeling: stevig wettelijk kader noodzaak
Zodra een ouder met de andere ouder een conflict aan gaat over de gezamenlijke zorg voor hun kind(eren), is die andere ouder thans gedwongen zich te wenden tot de kinderrechter. Gezien de ongewenste juridisering die dan plaats vindt en mede gezien de overbelasting van de kinderrechters en de nog te voorziene toeneming van hun werkdruk, bepleit SOS Papa reeds enkele jaren in alle gevallen verplichte bemiddeling alvorens de gang naar de kinderrechter kan worden gemaakt. Deze bemiddeling dient evenwel strikt de wet als uitgangspunt voor de bemiddeling te nemen. Er kan dus nimmer worden ‘onderhandeld’ over bij wet en verdrag toegekende rechten aan kind en ouders, zoals het recht op family life. Zodra de bemiddelaar deze rechten ook maar enigszins arbitrair stelt (zoals de raad voor de kinderbescherming zich dat onrechtmatig meent te kunnen veroorloven) is bemiddeling zinloos en schadelijk.
Bij de verplichte bemiddeling dienen voorts de volgende uitgangspunten te worden gehanteerd:
Een professionele bemiddeling, gewaarborgd door een erkenning door het ministerie van VWS en dat van Justitie, mede inhoudend de eis tot erkende diploma’s en een klachtrecht.
Richtlijnen bij de bemiddeling, bestaande uit uitgangspunten, waaronder de strikte gelijkwaardigheid der ouders, ook in het proces van bemiddeling, alsmede het principe van gelijke zorg.
Een termijn van bemiddeling van maximaal twee maanden. De bemiddeling wordt als zodanig aangemeld bij de griffie van de rechtbank.
Een deugdelijke rapportage van de bemiddeling t.b.v. de kinderrechter indien de verplichte bemiddeling niet is geslaagd.
Een deugdelijke vastlegging met rechtskracht van de bemiddeling indien deze wel is geslaagd.
De kinderrechter neemt kennis van de rapportage van de niet-geslaagde bemiddeling en belegt een zitting uiterlijk vier weken na ontvangst van de rapportage.
De kinderrechter is gehouden aan het recht van het kind op een onbelemmerde relatie met zijn beide biologische ouders en aan de onderlinge gelijkwaardigheid der ouders (hier ontbreekt een geëigend wettelijk kader nog volledig).
Een onderzoek door de raad voor de kinderbescherming mag wettelijk nimmer langer duren dan vier weken indien het jongste kind jonger is dan twaalf jaar. Is het jongste kind ouder dan 12 jaar, dan mag het onderzoek maximaal twee maanden duren. Daarna dient een definitieve beschikking dan wel vonnis door de kinderrechter te worden uitgesproken.
Tegen iedere (tussen)beschikking of ieder vonnis van de kinderrechter is de instelling van hoger beroep mogelijk. Een hoger beroep dient maximaal twee maanden na een verzoek daartoe en dient te worden aangevraagd maximaal twee weken na ontvangst van een vonnis of beschikking.
n.b.
De ‘snelheid’ van de procedures is strikt noodzakelijk in verband met de belangen van het kind. Deze visie wordt in alle sectoren van Justitie gedeeld, doch geenszins gepraktizeerd. Vastlegging in de wet is derhalve vereist.
Zie ook onze brief aan dhr. Boris Dittrich d.d. 28 oktober 2002
Open (linker muisklik) of download / print (rechter muisklik) alle maatregelen
die SOS Papa voorstelt in het familie- en